Ruimtelijke ordening (Vlaams Gewest) - dwangsom bij herstelmaatregelen.
De veroordeling tot het herstel van werken die zijn uitgevoerd in strijd met de wetgeving inzake ruimtelijke ordening, wordt meestal gekoppeld aan een dwangsom. Wanneer het gevraagde herstel (aanpassingswerken, herstel in de vorige staat) niet wordt uitgevoerd binnen de door de rechter vastgestelde termijn, verbeurt een bepaald bedrag per dag vertraging tot op het ogenblik dat de stedenbouwkundige inspectie vaststelt dat het herstel volledig is uitgevoerd.
De gevolgen van deze dwangmaatregel worden vaak onderschat. Een dwangsom van € 250,00 per dag vertraging is niet ongebruikelijk. Een overschrijding van de hersteltermijn met drie maanden resulteert in een dwangsom van € 22.750,00. Dit bedrag komt bovenop de kosten voor het uitvoeren van het herstel en de gerechtskosten.
Daarenboven blijkt de goedkeuring van het herstel door de stedenbouwkundige inspectie in de praktijk tot problemen te leiden. Het komt voor dat na het uitvoeren van aanpassingswerken de inspectie oordeelt dat het herstel onvolledig is, of niet conform het vonnis (vb. herstel van het maaiveld: discussie over de hoogte van het maaiveld). Bij gebrek aan goedkeuring van het herstel door de inspectie zullen na het verstrijken van de hersteltermijn dwangsommen blijven verbeuren.
Tot voor kort was de overtreder er dan toe genoodzaakt de zaak opnieuw voor te leggen aan de rechter die de dwangsom heeft opgelegd. Hij moet dan het moeilijke bewijs leveren dat hij in de onmogelijkheid verkeert om aan de hoofdveroordeling te voldoen (artikel 1385quinquies Ger.W.). De rechter kan in dat geval de gehele of gedeeltelijke vrijstelling of ontheffing van de dwangsom uitspreken.
Met de recente aanpassing van het decreet op de ruimtelijke ordening, heeft de Hoge Raad voor het Handhavingsbeleid (HRH) een beslissingsbevoegdheid gekregen op het vlak van de invordering van dwangsommen . Op gemotiveerd verzoek van de schuldenaar van de dwangsom, kan de HRH beslissen dat een opeisbaar geworden dwangsom slechts gedeeltelijk wordt ingevorderd of tijdelijk wordt opgeschort.
De HRH houdt in zijn beslissing rekening met de door de overtreder gestelde handelingen en genomen engagementen.
Hoewel de toegang tot de HRH voor geschillen inzake de inning van dwangsommen voor de overtreder zeker een verbetering betekent, levert zij geen volledig soelaas. De HRH kan de verbeurde dwangsommen immers niet in hun totaliteit kwijtschelden, dit in tegenstelling tot de dwangsomrechter.




Reactie plaatsen